| Meetmethode dellering | Omschrijving Gemeten risico’s meetmethode Gapanalyse wijst alle relevante rentegevoelige | • De meetmethode benadert |
| Op renteopbrengst: basis van netto- | instrumenten tijdsintervallen op toe basis aan van hun vooraf renteherzienings- gedefinieerde of | • het Hij gaprisico is gebaseerd alleen lineair. op de |
| • Gapanalyse: Renteherzieningskloof • Focus op netto- | vervaldata, die ofwel contractueel zijn vastgesteld ofwel zijn gebaseerd op gedragsaannamen. De Gaprisico (alleen parallel methode tijdsinterval. meet Hij de benadert nettoposities de verandering (“gaps”) in in elke de risico) | aanname dat alle posities binnen een bepaalde tijdsinterval einde van gelijktijdig hun looptijd het |
| renteopbrengstcompo Onvoorwaarde lijke nent Verandering (NRO): van NRO | nettorente-inkomsten die voortvloeit uit een verschuiving nettopositie van te de vermenigvuldigen rendementscurve door met elke de | bereiken of een • renteherziening Het basis- en het krijgen. optierisico |
| kasstromen (er wordt aangenomen | overeenkomstige verandering van de rentevoet. De verandering gewijzigde van de duration netto contante benadert waarde de relatieve van een | worden niet gemeten. • De meetmethode geldt alleen |
| dat de timing van kasstromen onafhankelijk is van het specifieke Economische waarde: rentescenario) • PV01 Durationanalyse: Gewijzigde van duration eigen / | financieel instrument als gevolg van een marginale parallelle verschuiving van de rendementscurve met één procentpunt. De gewijzigde duration van eigen vermogen meet de blootstelling van een instelling aan gaprisico in zijn niet-handelsportefeuille. PV01 van eigen duration verandering vermogen van van eigen de wordt vermogen waarde afgeleid van en eigen van meet de vermogen de gewijzigde absolute als Gaprisico risico) (alleen parallel | voor marginale verschuivingen van de rendementscurve. Bij convexiteit kan de meetmethode het effect van • grotere onderschatten. Hij geldt alleen rentebewegingen voor parallelle |
| v ermogen | gevolg van een parallelle verschuiving van de rendementscurve met 1 basispunt (0,01 %). Het startpunt is de toewijzing van alle kasstromen van rentegevoelige instrumenten aan tijdsintervallen. Voor elk soort instrument wordt een passende rendementscurve geselecteerd. De gewijzigde | verschuivingen van de rendementscurve. • Het optierisico wordt niet gemeten en het basisrisico wordt op zijn hoogst slechts gedeeltelijk gemeten. |
| Kasstroommo Meetmethode dellering | Beperkingen Omschrijving Gemeten risico’s meetmethode duration van elk instrument wordt berekend vanuit de verandering van de netto contante waarde hiervan als gevolg van een parallelle verschuiving van de rendementscurve met 1 procentpunt. De gewijzigde duration van het eigen vermogen is opgenomen als de gewijzigde duration van activa maal activa gedeeld door eigen vermogen minus de gewijzigde duration van passiva maal passiva gedeeld door eigen vermogen. PV01 van het eigen vermogen wordt verkregen door de gewijzigde duration van het eigen vermogen te vermenigvuldigen met de waarde van het eigen vermogen (d.w.z. activa minus passiva) en de uitkomst te delen door 10 000 om uit te komen op de waardewijziging per basispunt. De gedeeltelijk gewijzigde duration van een instrument voor een specifieke tijdsinterval wordt op dezelfde manier berekend als de gewijzigde duration hiervoor, behalve dat niet de hele rendementscurve parallel verschuift, maar alleen het segment van de rendementscurve dat overeenkomt met de betrokken | van de • De meetmethode geldt alleen voor marginale renteveranderingen. Bij |
| • Gedeeltelijk gewijzigde duration / gedeeltelijke PV01 | tijdsinterval. Deze deelmetingen laten zien hoe Gaprisico (parallel en gevoelig de marktwaarde van de bankportefeuille is niet-parallel risico) voor een marginale verschuiving van de rendementscurve in specifieke looptijdsegmenten. Op elke deelmeting van een tijdsinterval kan een verschuiving van een verschillende omvang worden toegepast, zodat het effect van een vormverandering van de rendementscurve voor de gehele portefeuille worden berekend. | convexiteit kan de meetmethode het effect van grotere rentebewegingen onderschatten. • Het basis- en het optierisico worden niet gemeten. |
| Kasstromen gedeeltelijk of Op basis van netto-geheel renteopbrengst: | De verandering van NRO is een op inkomsten Gaprisico (parallel en gebaseerde maatstaf, die de verandering van de netto- niet-parallel), basisrisico renteopbrengst gedurende een specifieke termijn en, mits alle kasstromen | • Gevoeligheid van de uitkomst voor de modellerings- en gedragsaannamen. |
| Kasstroommo Meetmethode dellering afhankelijk van Focus op netto-rentescenario renteopbrengstcompon (aangenomen wordt timing dat van de ent • Verandering (NRO): van NRO | Beperkingen Omschrijving Gemeten risico’s meetmethode (gewoonlijk 1-5 jaar) als gevolg van een plotselinge of scenarioafhankelijk geleidelijke rentebeweging meet. worden gemodelleerd, Het rentegevoelige tijdsintervallen startpunt is het (of instrumenten toewijzen in meer geavanceerde van alle aan kasstromen (granulaire) systemen van optierisico | van de • Complexiteit. |
| kasstromen van opties, van instrumenten met ingebedde, expliciete opties en – in complexere benaderingen – van instrumenten waarvan de looptijd afhangt van het gedrag van cliënten, wordt gemodelleerd afhankelijk van het rentescenario) | het gebruik van de exacte renteherzieningsdata van afzonderlijke posities). Het basisscenario voor de berekeningen weerspiegelt het huidige bedrijfsplan van de instelling voor de projectie van de omvang, de tariefstelling en de renteherzieningsdata van toekomstige zakelijke transacties. De rentetarieven die worden gebruikt om toekomstige kasstromen te berekenen in het basisscenario, worden ontleend aan termijntarieven, passende spreads of marktverwachtingen betreffende de rentetarieven voor verschillende instrumenten. Bij het beoordelen van de mogelijke omvang van NRO-veranderingen gebruiken banken aannamen en modellen voor de voorspelling van de ontwikkeling van de rentes, het vervallen van bestaande activa, passiva en posten buiten de balanstelling, en de potentiële vervanging hiervan. Op netto-renteopbrengst gebaseerde meetmethoden kunnen worden onderverdeeld naar de geavanceerdheid van de projectie van toekomstige kasstromen: eenvoudige afbouwmodellen gaan ervan uit dat bestaande activa en passiva het einde van hun looptijd bereiken zonder vervanging; constante-balansmodellen gaan ervan uit dat activa en passiva aan het einde van hun looptijd worden vervangen door vergelijkbare instrumenten; de meest complexe | |
| Kasstroommo Meetmethode dellering | Beperkingen Omschrijving Gemeten risico’s meetmethode dynamische kasstroommodellen weerspiegelen zakelijke reacties op verschillende renteklimaten in de omvang en de samenstelling van het bankboek. Alle op inkomsten gebaseerde meetmethoden kunnen worden gebruikt in een scenario of een stochastische analyse. Earnings at risk (EaR) is een voorbeeld van laatstgenoemde; dit is een maatstaf van de maximale verandering van de NRO bij een gegeven vertrouwensniveau. De verandering in EEV is de verandering in de netto contante waarde van alle kasstromen die voortvloeien uit activa, passiva en posten buiten de balanstelling van de bankportefeuille als gevolg van een verandering in rentetarieven, met de aanname dat alle posities van Gaprisico (parallel en | van de • Gevoeligheid van de uitkomst voor de modellerings- en gedragsaannamen. • Stochastische meetmethoden, die gebruik maken van een |
| Economische waarde: Focus op economische waarde van eigen vermogen (EEV) • Verandering in EEV | de bankportefeuille worden afgebouwd. niet-parallel), basisrisico en, als alle kasstromen Het renterisico kan worden beoordeeld aan de hand scenarioafhankelijk van de ∆EEV voor specifieke rentescenario’s of door de worden gemodelleerd, verdeling van ∆EEV met behulp van Monte- optierisico Carlosimulaties of historische simulaties. Economische value at risk (EVaR) is een voorbeeld van laatstgenoemde; dit is een maatstaf van de maximale verandering van de waarde van het eigen vermogen bij een gegeven vertrouwensniveau. | verdelingsaanname, slagen er mogelijk niet in staartrisico’s en niet-lineaire effecten te vangen. • Monte-Carlobenaderingen met een volledige herwaardering vereisen veel rekenkracht en kunnen moeilijk te interpreteren zijn (‘zwarte doos’). • Complexiteit. |